Een brief aan God

Mij werd gevraagd U een brief te schrijven. Dat lijkt me niet moeilijk, ik heb U veel te vragen en veel te vertellen, hoewel ik niet zeker weet of U bestaat. Dat hoop ik wel, het zou me enigszins geruststellen, al begrijp ik niet waarom U en wij er zo'n potje van hebben gemaakt. Als U er echt bent, en als God liefde betekent, dan hebben U en ik toch wel uiteenlopende idee?n over de liefde, denk ik.
Laat ik beginnen met onbegrip en verwijten. Ik snap niet waarom U Uw enige Zoon op zo'n gruwelijke wijze heeft laten ombrengen om, zoals de Bijbel zegt, de mensheid door dit offer te bevrijden van zijn zonden. Welke Vader doet zoiets? En waarom wordt de rest bevrijd als die ene wordt ge?xecuteerd? En wie heeft al die zonden bedacht? Waarom is een baby vanaf de eerste minuut dat hij op aarde is al belast met de erfzonde? Moet je dat onschuldige gezichtje eens zien: zonde? Welnee. Wij zijn mensen die goed doen en falen, er zijn zeer slechte en zeer uitmuntende mensen, en die erfzonde, die bestaat niet.

Ik begrijp ook niet waarom U heeft toegestaan dat de boodschap van Uw Zoon zo is mishandeld dat er van diens liefde, vergeving, genade, begrip, genezing en zorgzaamheid uiteindelijk zo weinig is overgebleven. De Kerkvaders hebben er tot het Concilie van Nicea in 323, dus meer dan 3 eeuwen, over gedaan om de Evangeli?n zodanig naar hun politieke wensen te vervormen dat er uiteindelijk een Kerk ontstond die Jezus zelf niet gewild zou hebben.
Een Kerk met de erfzonde. Een Kerk met een executie als zinnebeeld. Een patriarchale Kerk die de vrouw uit haar eeuwenoude priesterambt en goddelijkheid heeft verbannen. Een Kerk die acht van de twaalf evangeli?n heeft verboden en weggestopt, omdat daarin het verkeerde verhaal stond. Een Kerk die het Romeinse keizerrijk om machtsredenen verving door het Roomse pausdom, dat tot vandaag een spoor van intolerantie en tirannie door de geschiedenis heeft getrokken. U wist dat ze fout zaten, maar u heeft hen niet gestraft. Heksenverbrandingen hebben 5 miljoen vrouwen het leven gekost. De inquisitie maakte 10 miljoen slachtoffers. Toen de stad Beziers in 1209 werd ingenomen door Simon de Montfort tijdens de Albigenzer kruistocht tegen de Katharen werd uit voorzorg de hele bevolking uitgeroeid, op advies van een Uwer dienaren, een priester die riep: ?Doodt allen, God zal wel uitmaken wie de ketters zijn en wie niet.?
Als U bestaat, en U bent liefde, waarom laat U Uw managers in het Vaticaan zo ageren tegen vrouwen, tegen homoseksuelen, tegen euthanasie en tegen abortus? Gelooft U mij, daarmee wordt heel veel lijden veroorzaakt. Met liefde heeft dat niet veel te maken, en dus begrijp ik U niet.
Iedere dag sterven er 30.000 kinderen en 35.000 volwassenen door honger.
Is dit menselijk lijden vanzelfsprekend, of lette U even niet op?
Toen ik een klein jongetje was ging op een vrijdagochtend in 1954 plotseling mijn moeder dood. Mijn vader is daar nooit meer overheen gekomen. Mijn zusjes en ik evenmin, en bij hen zou het nog erger worden: de ene zuster verloor een zoontje van vier door leukemie, de andere een zoon van zestien bij een auto-ongeluk.
Bij de begrafenis van mijn moeder en vader werd de brief van Paulus aan de Corinthi?rs gelezen, over geloof, hoop en liefde, en toen mijn oudste zusje van verdriet overleed zeiden we aan het graf het Onze Vader. Maar we hadden het geloof in U, onze Vader, verloren, hoop werd vervangen door wanhoop, en van de liefde bleef niet veel meer over. Ons gezin stortte ineen en we zouden helemaal uit elkaar groeien, verstikt van verdriet, niet meer in staat tot de liefde die ouders en kinderen bij elkaar houdt.
Als kleine kinderen konden we het al helemaal niet begrijpen, en lang hebben we gedacht dat deze nachtmerrie gewoon niet waar was, en dat we op een dag zouden ontwaken, ergens in 1954, en dat er daarna een gewoon gelukkig leven zou komen. Later heb ik gedroomd dat er een Hemel is, waar zij woont, en vanwaar ze bemoedigend toekijkt, zij aan zij met mijn vader, die in 1984 zozeer verlangde naar het wederzien dat hij is vertrokken. Als ik in aan U gewijde kerken en kathedralen kom, dan brand ik kaarsjes, in de hoop dat ze me zien, van me weten, trots op me zijn, en dat ze me beschermen.
Of U daar in hun buurt bent, daarvan ben ik niet zo zeker. Zoals ik U zo bezig zie bent U daar niet op Uw plaats, want U doet of deed niet wat U moet doen. Toch heb ik de hoop nog niet opgegeven. Zonder U, dat kan ook niet: wij zouden dan, op deze aarde, wel heel erg eenzaam zijn. En dus geef ik U nog een kans, want er is toch een aanleiding om te geloven dat U er wel m?et zijn.
Tot die conclusie kom ik als ik naar muziek luister en in de natuur vertoef. In de film Amadeus (wat betekent: Ik hou van God) vraagt de componist Salieri zich in wanhoop af waarom U Uw meest Goddelijke inspiratie aan het rare schepsel Mozart hebt gegeven en niet aan hem.
Deze muziek ontving Mozart uit krachten en sferen die niet van de gewone wereld zijn. Waarom het octaaf de opperste harmonie betekent, zoals de Gulden Snede dat is, zowel in de natuur als in de architectuur, dat is een raadsel dat wij niet kunnen verklaren tenzij we aannemen dat er een goddelijk ontwerp aan ten grondslag ligt. Ik droom van een toekomst waarin de schoonheid van de Gulden Snede, het octaaf en Mozart de sturende harmonische kracht in de wereld en in de hemel zullen zijn. Als ik zo de Goddelijke waarheid kan vinden, dan zal ik daar vrede mee hebben.

Wouter van Dieren

Wouter van Dieren is lid van de Club van Rome en milieupublicist.