Rigoberta danst met de slang

Jarenlang bestreed Nobelprijswinnares Rigoberta Menchú de militaire dictatuur in haar geboorteland Guatemala. Bij de presidentsverkiezingen van 9 september a.s. doet ze nu zelf een gooi naar de macht. Oude Maya-profetieën zijn daarbij haar gids.

Amper twintig was Rigoberta Menchú toen ze in 1980 Guatemala ontvluchtte. Kort na elkaar waren haar beide ouders en haar broer Patrocinio door het regeringsleger vermoord en ook haar eigen leven liep gevaar. Op datzelfde moment werden ook mijn eigen vrienden en collega’s in Guatemala door doodseskaders ontvoerd en omgebracht en verliet ik het land om mij te wijden aan de internationale solidariteit. Eind oktober 1981 bereikte Rigoberta Nederland. In het huis van mijn ouders in het Brabantse Nuenen kwam ze weer op krachten en samen startten we het werk dat maar één doel had: de stilte te doorbreken rond het drama van onrecht en straffeloosheid in Guatemala.

Op doorreis in Parijs vertrouwde Rigoberta het verhaal van haar eigen leven en dat van haar volk, de Maya’s, toe aan de schrijfster Elizabeth Burgos. Het boek werd een bestseller en verscheen in meer dan vijftien talen. Daardoor begon de ster van Rigoberta internationaal te rijzen en in 1992, toen Spanje en Latijns Amerika het vijfde eeuwfeest van de ‘ontdekking van Amerika’ vierden, ontving zij de Nobelprijs voor de Vrede. De Guatemalteekse regering sprak schande van de toekenning van een dergelijke prestigieuze onderscheiding aan ‘una india’, een domme Indiaanse zonder scholing of talent.

Pas eind jaren negentig waagde Rigoberta het terug te keren naar Guatemala, waar ze haar eigen mensenrechtenorganisatie oprichtte. Vanaf dat ogenblik zette ze zich met al haar krachten in voor de berechting van de moordenaars van haar familieleden, maar ook van de andere 200.000 slachtoffers van het politieke geweld die nog steeds vrij rondlopen.

Tot verbazing van velen besloot Rigoberta in 2003 te gaan samenwerken met de door rijke ondernemers gedomineerde regering van president Oscar Berger, als bijzonder ambassadeur voor de Vredesakkoorden. Daar proefde ze van de macht, maar ze kwam er ook tot de conclusie dat, wil er werkelijk iets veranderen ten gunste van de Maya-bevolking, zij dat zélf moest bewerkstelligen. En daarom stelde ze zich kandidaat voor het presidentschap.

In Guatemala wordt zeer verschillend gedacht over de kandidatuur van Rigoberta. Politieke analisten zijn van oordeel dat in het door geweld, armoede en straffeloosheid geteisterde Guatemala geen enkele politicus in staat is om op korte termijn een verandering ten goede te bewerkstelligen. Bovendien vermoedt menigeen dat delen van de rijke bovenklasse Rigoberta’s kandidatuur steunen omdat zij zich niet duidelijk uitspreekt over heikele thema’s als een broodnodige landhervorming en een grondige herziening van het belastingstelsel. Maar ook veel Maya’s hebben hun bedenkingen bij Rigoberta’s politieke ambities. Het baart hen zorgen dat zij zich blijkbaar beter thuis voelt bij de rijke elite in de hoofdstad dan op het platteland, waar arme Maya-gemeenschappen vechten om een stukje grond om van te kunnen leven.

Rigoberta trekt zich de kritiek niet als te sterk aan. ‘We hebben in ons land een nieuwe politiek nodig, de tijd van links en recht is definitief voorbij’, zei ze onlangs. ‘Waar we behoefte aan hebben is werk, onderwijs en ontwikkelingskansen voor alle bevolkingsgroepen van Guatemala, vooral voor de achtergestelde Maya’s.’

In de meeste peilingen komt Rigoberta voorlopig niet verder dan een derde plaats, maar ook daarvan ligt ze niet wakker. Ze ziet de komende verkiezingen vooral als ‘een eerste oefening’, want winnen doe je in Guatemala volgens haar nooit al bij de eerste keer. Blijkbaar mikt zij niet op de aanstaande verkiezingen om aan te treden als president, maar op 2012. Laat dat nou het magische jaar zijn dat volgens oude Maya-profetieën een nieuw tijdperk in de wereldgeschiedenis inluidt, een moment van inkeer waardoor vrede en harmonie de intermenselijke verhoudingen zullen gaan bepalen.

Natuurlijk gun ik Rigoberta haar politieke aspiraties, ook al ben ik bang dat zij haar morele gezag als Nobelprijswinnares op het spel zet door zich in de slangenkuil van de partijpolitiek te begeven. Op mijn twijfels antwoordt Rigoberta met een verwijzing naar het oude Maya-ritueel van de ‘dans met de slang’. In tijden van grote droogte, wanneer de maïsoogst dreigt te mislukken, voeren Maya’s de dans met de slang uit. Al dansend zoeken ze contact met het dier dat het symbool is van vruchtbaarheid, maar tegelijkertijd levensgevaarlijk vanwege zijn giftige beet. Rigoberta ziet haar deelname in de politiek als een gevaarlijke maar ook levensnoodzakelijke dans. Vanuit de kracht van haar Maya-wortels hoopt ze op een goede afloop, als president die werkelijk nieuwe tijden inluidt.

Mario Coolen

Mario Coolen is staflid van Solidaridad.Hij werkte acht jaar als theoloog in Guatemala.