Mystiek in barre tijden
Binnen een maand tijds is de 1149 pagina's tellende Encyclopedie van de mystiek al uitverkocht. Een vlucht uit de barre werkelijkheid?
Maandagavond 14 april werd het eerste exemplaar van de Encyclopedie van de mystiek in de Krijtberg te Amsterdam uitgereikt aan monseigneur R. B?r, de vroegere bisschop van Rotterdam. Auke Jelsma, een van de redacteuren van de omvangrijke encyclopedie, belichtte het belang van de mystiek voor onze tijd. Hij vroeg zich af: 'Heeft het wel zin om je in mystiek te verdiepen, terwijl in Irak een oorlog woedt? En wat is mystiek?'
In 1993 werd vanuit uitgeverij Kok te Kampen het plan geopperd een Nederlandstalige encyclopedie van de mystiek te cre?ren. Er werd een vierkoppig redactieteam gevormd. Jelsma, emeritus-hoogleraar Kerkgeschiedenis aan de Theologische Universiteit Kampen, was er vanaf het begin bij. Er moest duidelijkheid komen over de vraag wat 'mystiek' eigenlijk was. Maar na tien jaar besprekingen weet Jelsma nog minder dan voorheen wat mystiek is. Hij ziet mystiek als een mogelijkheid, als een ervaring die in principe voor iedereen toegankelijk is. Maar aan een nadere defini?ring heeft de redactie zich toch niet gewaagd. De ruim veertig auteurs die vanuit diverse disciplines en gezichtspunten hun bijdragen leverden, kregen de vrijheid om binnen zekere grenzen hun eigen invulling aan het begrip te geven.
Volgens Jelsma gaat het bij mystiek om een transcendente aanraking, om een ervaring die ons uittilt boven de trivialiteit van het leven. Juist vanuit deze ervaring wordt de gebrokenheid van de schepping zichtbaar: 'Mystiek is een mogelijkheid voor iedereen. Je hoeft er geen mysticus voor te zijn. Dit is vooral door Dorothee S?lle betoogd in haar opus magnum 'Mystiek en verzet.' S?lle wilde mystiek democratiseren en in een historische context plaatsen. Eerst moest zij haar eigen echtgenoot Fulbert Steffinsky van dit standpunt zien te overtuigen. Want deze was aanvankelijk van mening dat mystiek niets voor eenvoudige mensen was.'
Steffinsky gaf zich gewonnen. Hij ging mee in de visie van S?lle en schreef in het voorwoord van 'Mystiek en verzet': 'Mystiek is de ervaring van de eenheid en de heelheid van het leven. Mystieke levensbeschouwing, mystiek schouwen is de onverbiddelijke waarneming van de gebrokenheid van het leven. Lijden aan de gebrokenheid en die ondraaglijk vinden - dat behoort tot de mystiek. God gebroken te vinden in arm en rijk, in boven en onder, in ziek en gezond, in zwak en machtig, dat is het lijden van de mystici.'
Hierop voortbordurend meende Jelsma tijdens zijn voordracht in de Krijtberg: 'Mystici staan niet buiten de samenleving. Juist niet. Mystici zijn mensen die het verdriet van anderen voelen. Zij kennen een verhoogde gevoeligheid. In alle bijdragen komt dat naar voren, dat mystiek op geen enkele wijze een vlucht uit de werkelijkheid is. Mystiek is de gave van liefde in een wereld die door zelfzucht en angst wordt geregeerd. Het mooiste gedicht uit de mystiek gaat over de donkere nacht van de ziel en is van Johannes van het Kruis. Hij dichtte het, terwijl hij in het duister van een kerker verbleef.'
In de Encyclopedie wordt vooral aandacht besteed aan de christelijke mystiek. Maar de bezinning op mystiek mag volgens Jelsma niet ingeperkt worden tot een specifiek christelijk perspectief. Want mystiek is een algemeen menselijk verschijnsel dat in alle godsdiensten voorkomt: 'Mystiek zou je met Martin Marty, die in de lijn van William James dacht, kunnen begrijpen vanuit de opvatting dat in ieder mens iets aanwezig is dat tot zijn recht wil komen. Dat is ook het uitgangspunt van de Quakers. Die beoefenden een vormloze mystiek van de stilte, niet gestoord door bijbellezing en liturgie. Het ging hen om het innerlijke licht, om het doen ontwaken van de goddelijke vonk in de mens. Het is opmerkelijk dat juist deze vorm van mystiek aan de wortel stond van alle sociale protesten in de 17-de eeuw tegen maatschappelijk en politiek onrecht.'
Hoewel mystiek een algemeen menselijke mogelijkheid is, moet je toch onderscheid maken tussen de mystieke gevoeligheid in ieder mens en de mysticus. Iedereen kan schilderen, maar niet iedereen is een Rembrandt. Een mysticus is in de ogen van Jelsma iemand die zich volledig overgeeft aan de mystiek. Hij is als de man in het Nieuwe Testament die in een akker een verborgen schat vond en toen alles verkocht wat hij had om die ene akker te kunnen kopen.
Volgens de Karmelieten, die via het Titus Brandsma Instituut een belangrijke inbreng in de encyclopedie hadden, is mystiek een proces van omvorming waarbij de mens steeds dichter zijn innerlijke kern raakt. Mystiek is een weg van dood en verrijzenis, een proces van loslaten, waarbij de Geest van licht, liefde en waarheid steeds beter kans ziet ons te doordringen. Je hoeft in feite niets te zoeken, betoogt de Zuid-Afrikaanse non Frances Banks in 'Boodschap van licht.' Haar woorden worden geciteerd in een bijdrage over natuurwetenschap en mystiek. Het gaat niet om zoeken, maar om rust vinden in God:
'Mijn bewustzijn wordt verruimd door het erkennen en accepteren dat ik een kind ben van het levende Licht, dat alles wat men nodig heeft reeds in het bewustzijn aanwezig is en dat net zoveel van die Geest wordt weerspiegeld als mijn bewustzijn toelaat. In ieder van ons is het Licht als een stralende schittering aanwezig; het Licht van eenheid met de Geest, het gezegende weten en erkennen van de eenheid met de gehele schepping, van het laagste tot het hoogste, zich uitstrekkend tot aan de Troon van genade.'
De Encyclopedie van de mystiek vormt een belangrijk tegenwicht tegen de tendensen in onze samenleving om mensen als puur materi?le wezens te zien die alleen maar om hun koopkracht bezorgd zijn. Als het belangrijkste in ons leven ons gratis, zonder enige wederdienst geschonken wordt, dan moet het toch mogelijk zijn om de armen en verdrukten in de wereldsamenleving een menswaardig bestaan te bieden?
Herbert van Erkelens
J. Baers, G.Brinkman, A. Jelsma, O. Steggink, Encyclopedie van de mystiek - fundamenten, tradities en perspectieven. Uitgeverij Kok in samenwerking met Uitgeverij Lannoo. Prijs: 59, 50 euro.
Maandagavond 14 april werd het eerste exemplaar van de Encyclopedie van de mystiek in de Krijtberg te Amsterdam uitgereikt aan monseigneur R. B?r, de vroegere bisschop van Rotterdam. Auke Jelsma, een van de redacteuren van de omvangrijke encyclopedie, belichtte het belang van de mystiek voor onze tijd. Hij vroeg zich af: 'Heeft het wel zin om je in mystiek te verdiepen, terwijl in Irak een oorlog woedt? En wat is mystiek?'
In 1993 werd vanuit uitgeverij Kok te Kampen het plan geopperd een Nederlandstalige encyclopedie van de mystiek te cre?ren. Er werd een vierkoppig redactieteam gevormd. Jelsma, emeritus-hoogleraar Kerkgeschiedenis aan de Theologische Universiteit Kampen, was er vanaf het begin bij. Er moest duidelijkheid komen over de vraag wat 'mystiek' eigenlijk was. Maar na tien jaar besprekingen weet Jelsma nog minder dan voorheen wat mystiek is. Hij ziet mystiek als een mogelijkheid, als een ervaring die in principe voor iedereen toegankelijk is. Maar aan een nadere defini?ring heeft de redactie zich toch niet gewaagd. De ruim veertig auteurs die vanuit diverse disciplines en gezichtspunten hun bijdragen leverden, kregen de vrijheid om binnen zekere grenzen hun eigen invulling aan het begrip te geven.
Volgens Jelsma gaat het bij mystiek om een transcendente aanraking, om een ervaring die ons uittilt boven de trivialiteit van het leven. Juist vanuit deze ervaring wordt de gebrokenheid van de schepping zichtbaar: 'Mystiek is een mogelijkheid voor iedereen. Je hoeft er geen mysticus voor te zijn. Dit is vooral door Dorothee S?lle betoogd in haar opus magnum 'Mystiek en verzet.' S?lle wilde mystiek democratiseren en in een historische context plaatsen. Eerst moest zij haar eigen echtgenoot Fulbert Steffinsky van dit standpunt zien te overtuigen. Want deze was aanvankelijk van mening dat mystiek niets voor eenvoudige mensen was.'
Steffinsky gaf zich gewonnen. Hij ging mee in de visie van S?lle en schreef in het voorwoord van 'Mystiek en verzet': 'Mystiek is de ervaring van de eenheid en de heelheid van het leven. Mystieke levensbeschouwing, mystiek schouwen is de onverbiddelijke waarneming van de gebrokenheid van het leven. Lijden aan de gebrokenheid en die ondraaglijk vinden - dat behoort tot de mystiek. God gebroken te vinden in arm en rijk, in boven en onder, in ziek en gezond, in zwak en machtig, dat is het lijden van de mystici.'
Hierop voortbordurend meende Jelsma tijdens zijn voordracht in de Krijtberg: 'Mystici staan niet buiten de samenleving. Juist niet. Mystici zijn mensen die het verdriet van anderen voelen. Zij kennen een verhoogde gevoeligheid. In alle bijdragen komt dat naar voren, dat mystiek op geen enkele wijze een vlucht uit de werkelijkheid is. Mystiek is de gave van liefde in een wereld die door zelfzucht en angst wordt geregeerd. Het mooiste gedicht uit de mystiek gaat over de donkere nacht van de ziel en is van Johannes van het Kruis. Hij dichtte het, terwijl hij in het duister van een kerker verbleef.'
In de Encyclopedie wordt vooral aandacht besteed aan de christelijke mystiek. Maar de bezinning op mystiek mag volgens Jelsma niet ingeperkt worden tot een specifiek christelijk perspectief. Want mystiek is een algemeen menselijk verschijnsel dat in alle godsdiensten voorkomt: 'Mystiek zou je met Martin Marty, die in de lijn van William James dacht, kunnen begrijpen vanuit de opvatting dat in ieder mens iets aanwezig is dat tot zijn recht wil komen. Dat is ook het uitgangspunt van de Quakers. Die beoefenden een vormloze mystiek van de stilte, niet gestoord door bijbellezing en liturgie. Het ging hen om het innerlijke licht, om het doen ontwaken van de goddelijke vonk in de mens. Het is opmerkelijk dat juist deze vorm van mystiek aan de wortel stond van alle sociale protesten in de 17-de eeuw tegen maatschappelijk en politiek onrecht.'
Hoewel mystiek een algemeen menselijke mogelijkheid is, moet je toch onderscheid maken tussen de mystieke gevoeligheid in ieder mens en de mysticus. Iedereen kan schilderen, maar niet iedereen is een Rembrandt. Een mysticus is in de ogen van Jelsma iemand die zich volledig overgeeft aan de mystiek. Hij is als de man in het Nieuwe Testament die in een akker een verborgen schat vond en toen alles verkocht wat hij had om die ene akker te kunnen kopen.
Volgens de Karmelieten, die via het Titus Brandsma Instituut een belangrijke inbreng in de encyclopedie hadden, is mystiek een proces van omvorming waarbij de mens steeds dichter zijn innerlijke kern raakt. Mystiek is een weg van dood en verrijzenis, een proces van loslaten, waarbij de Geest van licht, liefde en waarheid steeds beter kans ziet ons te doordringen. Je hoeft in feite niets te zoeken, betoogt de Zuid-Afrikaanse non Frances Banks in 'Boodschap van licht.' Haar woorden worden geciteerd in een bijdrage over natuurwetenschap en mystiek. Het gaat niet om zoeken, maar om rust vinden in God:
'Mijn bewustzijn wordt verruimd door het erkennen en accepteren dat ik een kind ben van het levende Licht, dat alles wat men nodig heeft reeds in het bewustzijn aanwezig is en dat net zoveel van die Geest wordt weerspiegeld als mijn bewustzijn toelaat. In ieder van ons is het Licht als een stralende schittering aanwezig; het Licht van eenheid met de Geest, het gezegende weten en erkennen van de eenheid met de gehele schepping, van het laagste tot het hoogste, zich uitstrekkend tot aan de Troon van genade.'
De Encyclopedie van de mystiek vormt een belangrijk tegenwicht tegen de tendensen in onze samenleving om mensen als puur materi?le wezens te zien die alleen maar om hun koopkracht bezorgd zijn. Als het belangrijkste in ons leven ons gratis, zonder enige wederdienst geschonken wordt, dan moet het toch mogelijk zijn om de armen en verdrukten in de wereldsamenleving een menswaardig bestaan te bieden?
Herbert van Erkelens
J. Baers, G.Brinkman, A. Jelsma, O. Steggink, Encyclopedie van de mystiek - fundamenten, tradities en perspectieven. Uitgeverij Kok in samenwerking met Uitgeverij Lannoo. Prijs: 59, 50 euro.